Maandelijkse archieven januari 2023

2 berichten

Voedselbanken en gaarkeukens

Aan de buitenkant lijkt Nederland keurig aangeharkt. Kijk maar naar foto’s van de Efteling, Keukenhof of Hoge Veluwe. Ook stedelijke winterlandschappen en stadswandelparken scheppen een behaaglijk beeld. Een van de redenen waarom we zo’n aantrekkelijk land zijn voor arbeidsmigranten, asielzoekers en vluchtelingen. Maar achter die sympathieke façade gaat een grimmige werkelijkheid schuil.

Het artikel over het zielloze lichaam van een 32-jarige Poolse man dat aan de rand van het Kralingse Bos is aangetroffen, illustreert de staat van de huidige maatschappelijke opvang. Het recente bericht van het Leger des Heils over de explosie aan dak- en thuisloze jongeren is minstens zo zorgwekkend. De bijdragen over ongedocumenteerden in De Correspondent zijn zo mogelijk nog schrijnender. Om over het onvermogen om met ‘verwarde’ mensen om te gaan, nog maar te zwijgen. Het geldende beleid is in toenemende mate onmenselijk en huiveringwekkend. We hangen als land – dat tot de rijkste op aarde behoort – met onze nagels aan de rand van de beschaving, waar ook de inkomens- en vermogensongelijkheid maar blijft groeien, met alle gevolgen van dien.

Ja, de Poolse man en zijn mededakloze vriend hadden de nachtopvang geweigerd. Maar dat is het begin van verder gesprek, toch geen eindstation? Hoe is het mogelijk dat verantwoordelijken (als die nog bestaan in dit overgecompliceerde systeem) dit zich niet aanrekenen en geen actie ondernemen?

Onze samenleving glijdt gestaag af naar honderd jaar geleden: het twintigste-eeuwse interbellum, toen sociale voorzieningen nog nauwelijks bestonden en het leven van armen en daklozen afhankelijk was van liefdadigheid. Bedelen en schooien op straat, proletarisch winkelen, niet bestaande nachtopvang, slapen in een portiek onder een gestolen jas terwijl het sneeuwt. Armoede, honger, ziekte, vroegtijdige dood.

De inzichten over het aantal dak- en thuislozen zijn verdeeld. Het CBS spreekt over 32.000 feitelijk daklozen, branchevereniging Valente heeft het over honderdduizenden. Verontrustende aantallen. Gelukkig ontstaan er initiatieven zoals Onder de Pannen, waar huishoudens die een kamer over hebben zich kunnen melden. Een hoopgevende actie, maar druppel op de gloeiende plaat.

De Rijksoverheid heeft het ambitieuze Nationaal Actieplan Dakloosheid gepresenteerd, dat er voor moet zorgen dat in 2030 dakloosheid is beëindigd. Over zeven (!) jaar dus. De vraag is wat dit plan doet voor de mensen die vannacht onder een brug in de vrieskou liggen. Immers: hun nood moet vandaag geledigd worden, voordat ze op straat sterven.

Dakloosheid dreigt met grote stappen te groeien. Als gevolg van de gierende inflatie (de hoogste na 1975) en aanhoudende energiecrisis gaan steeds meer mensen naar de voedselbank of raken hun huis kwijt omdat ze de huur niet meer kunnen betalen. Ook het beroep op armoedehulporganisaties neemt schrikbarende vormen aan. Intussen leven er in Nederland meer dan 1 miljoen mensen in armoede, waaronder 220.00 mensen die een baan hebben. Bovendien wordt er steeds vaker beslag op loon gelegd vanwege schulden.

Mede hierdoor groeit volgens het CBS in ons zogenaamd welvarende land een kwart van de kinderen op in een huishouden met een inkomen onder de lage-inkomensgrens. Daarnaast meldt het NJI dat kinderen met een niet-westerse migratieachtergrond een veel groter risico op armoede lopen dan kinderen van Nederlandse origine. De marginale verhoging van het wettelijk minimumloon zet geen zoden aan de dijk en bestaanszekerheid kalft alsmaar verder af. Nog even en de gaarkeukens zijn weer net zo noodzakelijk als ruim een eeuw geleden.

Het meest triest is nog wel dat ondanks al deze alarmerende berichten het niet tot Den Haag lijkt door te dringen dat het zo niet langer kan. Alle plannen ten spijt, of het nou over brede welvaart, armoede en schulden, wonen, onderwijs, dakloosheid of (geestelijke) gezondheidszorg gaat, er wordt nog geen deuk in een pakje boter geslagen.

Wat we zien is de omgekeerde werdegang van de verzorgingsstaat, waar normbesef wegkwijnt onder reguleringsdruk, humaan perspectief zienderogen verdwijnt en politiek-bestuurlijke ethiek door betonrot is aangetast. Structurele desinteresse en handelingsonbekwaamheid. Onvoorstelbaar en beschamend. De erosie waaraan persoonlijke betrokkenheid onderhevig is, wordt gerechtvaardigd door terminologie en eufemismen, en zorgt voor een lawine aan tragische verhalen en slachtoffers. Er kunnen boeken over volgeschreven worden. De rechtsstaat brokkelt af. We zijn niemandsland geworden. Letterlijk en figuurlijk. Vrij naar Anil Ramdas: ik stel me de wereld anders voor.

Anders gezegd: de maat is vol en het glas is leeg. Wie pakt de handschoen op?

Het nadeel van de twijfel

Een samenleving wordt groots als oude mannen bomen planten in wier schaduw ze nooit zullen zitten.

Grieks gezegde

Vanaf het moment dat in 2013 personen wegens verkwisting of problematische schulden onder bewind gesteld kunnen worden, is er discussie ontstaan over de wijsheid van de wetswijziging. Voorstanders zagen een oplossing voor de huishoudens die niet zelfstandig uit de financiële problemen kunnen komen, mede door een slecht toegankelijk en weinig slagvaardig minnelijk traject schuldhulpverlening. Tegenstanders zagen vooral een (deels) parallel traject dat eerder verstorend dan aanvullend zou gaan werken. Om nog maar te zwijgen over de perverse prikkel in de financiering van bewindvoering.

De afgelopen tien jaar (vanaf de invoering in 2013) heb ik met vele bewindvoerders, schuldhulpverleners, beleidsmakers en kenners gesproken over het gesteggel in het werkveld. Zeker nadat de uitgaven bijzondere bijstand voor de kosten van bewindvoering uit de pan rezen en het aantal onder bewind gestelden in korte tijd meer dan verdubbelde. Het gefoeter was niet van de lucht. Iedereen wees iedereen als zondebok aan.

Tijdens de cursussen die ik in die periode heb gegeven, was de stemming niet veel beter. Schuldhulpverleners werden gek van slecht bereikbare en regelmatig dwarsliggende beschermingsbewindvoerders, beschermingsbewindvoerders klaagden steen en been over de onmogelijk eisen van schuldhulpverleners, Wsnp bewindvoerders mopperden over het buitengerechtelijke gestuntel van beiden en incassomedewerkers en deurwaarders verbaasden zich doorlopend over de weekhartige houding ten opzichte van mensen met schulden. Die (onterechte en vaak populistische) neiging elkaar de schuld te geven, kapte ik steeds eerder af. Het is zo zinloos. Zelfgenoegzaam beweren dat jij de enige bent die de persoon met financiële problemen het best kan helpen, is niet constructief. Zeker niet als je gemotiveerd door eigenbelang andermans naam door het slijk te halen.

Zodra ik dat hardop uitsprak, werd er over het algemeen (soms met tegenzin) instemmend geknikt. Hier en daar werd morrelend gezwegen of meewarig gekeken. Dat liet ik voor wat het was. Ook ik heb de waarheid niet in pacht. Wat ik wel zie, is dat degenen om wie het gaat, nog altijd slecht geholpen en bereikt worden. Ondanks alle beweringen van het tegendeel.

Nou hebben mijn woorden een beperkte reikwijdte. Sommigen denken waarschijnlijk dat ze van twijfelachtig allooi zijn. Ik heb geen universitaire opleiding, geen onderzoeken op mijn naam staan, ik ben niet verbonden aan een gezaghebbend instituut of prestigieus adviesbureau. Kortom: ik behoor niet tot het ouwe-jongens-krentenbrood circuit. Of zoals een directeur van een Kredietbank het een jaar of twintig geleden verwoordde wat betreft de NVVK: ‘We zijn een beetje een incestueus clubje.’

Zonder mezelf op te hemelen, mezelf belangrijker te maken dan ik ben, of me te wentelen in zelfmedelijden omdat ik miskend wordt, is dat een trieste constatering van die voormalig directeur. Want in de ruim vijfentwintig jaar dat ik met schuldhulpverlening bezig ben, zijn het min of meer dezelfde onderzoekers, bureaus en instanties die de dienst uitmaken. In een aantal gevallen zelfs nog langer dan 25 jaar. En wat zijn we ermee opgeschoten? Akelig weinig. Toegegeven, hier en daar hebben er verschuivingen plaatsgevonden. Maar onvoldoende. Ook de nieuwste voorstellen gaan het verschil niet maken, of ze nu vanuit de wetgever, beleidsmakers of uitvoerders komen.

Waarom niet? Omdat wetgeving het probleem niet gaat oplossen. Een radicale hervorming ook niet. Het politiek-bestuurlijke systeem (inclusief de verfoeide marktwerking en obscene verdienmodellen in een afhankelijkheidsrelatie) is inert en nalatig. Koerscorrecties zijn nog trager dan die van een mammoettanker.

Er is maar één oplossing: een nieuwe manier van denken en handelen. Los van alle bestaande systemen en instanties. Een samenleving waar bestaanszekerheid en zorg op basis van persoonlijke betrokkenheid vanzelfsprekendheden zijn. Niet gebaseerd op regelgeving, maar op uitdrukking van datgene wat we allemaal het liefste doen: bijdragen aan een gezonde gemeenschap, vanuit bezieling en inspiratie.

Dat betekent niet dat we allemaal in gebatikte jurken en op van gerecyclede autobanden gemaakte sandalen moeten gaan lopen, dagelijks onkruid wiedend in de moestuin van onze commune en zonder uitzondering in een socialistische heilstaat moeten gaan geloven.

Dat betekent wel dat we allemaal te rade moeten gaan bij onszelf – vooral dus in schuldhulpverleningsland – of we nou echt voor de nooddruftigen onder ons bezig zijn, of toch alleen maar voor winstmarge en persoonlijke glorie. Want dat laatste proef ik helaas nog veel te vaak in de wervende teksten die ik lees.

Daarom voor de zoveelste keer de oproep: overstijg jezelf en heb het lef aanzien en eigen gewin los te laten. Maak waar wat je vooralsnog alleen in woorden predikt. Want de noodklok beiert al een hele tijd. Ik weet zeker dat jullie het ook horen. Twijfel niet langer. Handel overeenkomstig!